Laat me met rust! Maar ga niet weg
Afstoten of claimen
Zo op het eerste oog lijken het twee heel verschillende gedragingen. Een kind dat zich steeds meer op zijn kamer terugtrekt en ‘donder op’ roept als je probeert contact te maken, en een kind dat aan je vastgeplakt lijkt te zitten, waardoor je geen stap meer kunt verzetten.
In het eerste geval probeer je op alle mogelijke manieren het je kind naar de zin te maken, in de hoop dat je kind zich weer voor jou opent. In het tweede geval ga je je leven volledig aanpassen aan de ruimte die jouw kind je geeft.
Beide leveren uiteindelijk niets op en zorgen er alleen maar voor dat je gefrustreerd raakt, dat het je uitput en dat je de wanhoop en onmacht voelt toenemen.
Zowel bij het kind dat je afstoot als bij het kind dat je claimt, kan er een onderliggende behoefte zijn die onvoldoende wordt vervuld: de behoefte aan verbinding.
Ja, maar hoe kan ik nou verbinding maken als mijn kind mij negeert en vloekt en tiert als ik zijn kamer binnenkom?
En hoe kan er een gezonde verbinding ontstaan als ik geen ruimte meer krijg om mijn eigen leven te leiden?
Dit zijn opnieuw vragen die ontstaan zolang je vanuit je eigen perspectief blijft kijken.
‘Want pas wanneer je leert kijken door de ogen van je kind, kun je ontdekken wat het met zijn gedrag probeert duidelijk te maken. En wat het werkelijk van jou nodig heeft.’



Opmerkingen